Kant en Kunst

Pagina uit boekje Kant en Kunst
Hebben jullie ook die prachtige schilderijen van Rembrandt gezien die in het nieuws zijn? Er wordt onderhandeld over twee schilderijen die Nederland kan aankopen. Voor 80 miljoen (per stuk!!!) kan het Nederlands erfgoed verrijkt worden met twee topstukken waarop de grote meester volop kant heeft geschilderd. De Tweede Kamer heeft erover vergaderd of dat bedrag verantwoord is. Het is een ingewikkeld proces om tot aankoop over te gaan, en ook Frankrijk heeft belangstelling. Dat zou wel handig zijn: dan kunnen de twee schilderijen om de beurt in het Louvre hangen en in het Rijks.

Ik heb een mooi boekje en dat heet “Kant in de Kunst”. Het is verschenen n.a.v. een tentoonstelling van een destijds belangrijke kant collectie, waarbij het het doel was om vooral de kant in de schilderkunst te tonen. Het is een mooi boekje, maar helaas hebben ze er geen jaartal in gezet. Dat is enerzijds jammer, maar ook weer niet zo erg. Want de huidige belangstelling voor de Rembrandt-kant laat wel weer zien dat de aandacht voor deze topkant toch tijdloos is.

Pagina uit boekje Kant en Kunst
Voorin in dit oude boekje wordt een overzicht gegeven van de ontwikkeling van kant. Wisten jullie dat ook Macramé tot de kant-soorten behoort? Althans, het is er een voorloper van. Onder ‘kant’ wordt in het algemeen verstaan: fijne weefsels, die door de kantwerkster met behulp van naalden, klossen of ander gereedschap worden vervaardigd en die een luchtig karakter dragen. Uit grafvondsten in Egypte is gebleken dat men daar reeds tijdens vroege dynastiën weefsels kenden die overeenkomst vertoonden met latere kantsoorten (maar met uitzondering van het Buratto, dat in Babylonië en in Egypte voorkwam.
De oudste kantsoorten die men in Europa kende, dateren uit de Middeleeuwen. In de 16e en 17e eeuw had de techniek een grote verfijning ondergaan en nam de kantindustrie een grote vlucht. Ten tijde van Lodewijk XIV kon de Franse stad Tulle, die om zijn kantnijverheid grote bekendheid genoot, de opdrachten van het Franse hof niet meer aan.
Een andere voorloper van de kant berust op het principe van het knopen met een doorlopende draad, een techniek waarmee bijvoorbeeld visnetten worden gemaakt. Het netwerk dat op deze wijze ontstaat, vormt met zijn regelmatige mazen een geschikte ondergrond voor versiering. D0or het stoppen van bepaalde mazen ontstaan figuren, het zogenaamde Filet. En de kunst tot het vervaardigen van filet-kant heeft ook tot verbazingwekkende resultaten geleid.
De behoefte aan versiering en verfraaiing, blijkt ook uit de opkomst van de Holbeinsteek. In de 15e eeuw ging men in delen van het linnengoed zichtbaar dragen en die deelen erden met een gekleurde draad geborduurd. En daarna ging de ontwikkeling ook weer verder: in de 16e eeuw maakten de Points tirés opgang. Men verwijderde draden uit het weefsel en trekt en naait de overige op kunstige wijze samen. Ook ging men over tot het uittrekken van draden op regelmatige afstanden. De mazen van het netwerk dat op deze wijze ontstond, konden opgevuld of samengetrokken worden tot bepaalde figuren.

Pagina uit boekje Kant en Kunst
Daarna ontstond de Naaldkant. Een patroon werd aangebracht op stevig linnen of perkament. Langs de omtrekken naaide men twee draden die dienen voor de aanhechting van siersteken en vullingen. Tot de oudste en meest vermaarde naaldkanten behoren die welke uit Venetië afkomstig zijn. Ook in Frankrijk kwam de naaldkant industrie tot grote bloei.
En tenslotte de Kloskant. Het patroon werd (en wordt) op een kussen bevestigd. Het principe van kantklossen is vlechten: het ene uiteinde van de draad wordt met een speld op het patroon vastgehecht. Daarover in een later blogje (bij een ander boekje) nog wat meer.

Het oude boekje “Kant en Kunst” plaats ik vandaag in m’n shop, nu ik er zo uitgebreid wat informatie uit heb weergegeven.
De foto-verantwoording is als volgt:
Een schilderij uit de Hollandse School (anonieme schilder), van Martrijntje van Ceters (1609 – 1629) Ze heeft dus maar kort geleefd en was nog jong toen ze werd geschilderd.
Een afbeelding van Eva Geelvinck, die werd geschilderd door Joachim von Sandrart (hij leefde van 1606 tot 1688)
Een portret van Adriana Jacobusdr. Hinlopen, geschilderd door Lodewyck van der Helst (1642 tot ong. 1684)
Dus nu weten we hoe drie vrouwen er in de 17e eeuw uitzagen: Martrijntje, Eva en Adriana. Prachtig bekleed met schitterende kant!
En Rembrandt was niet de enige die zo meesterlijk portretten kon schilderen.
Maar waarschijnlijk wel de enige wiens schilderijen na een paar honderd jaar nog eens 160 miljoen euro kosten…

Verder lezen?  Wellicht is dit interessant...

Parel katoen

Splijtgaren wikkeltjes

Boerderijdieren borduren

Mode… “Oppervlakkige kennis is niets gedaan”.

Comments

  1. 160 miljoen is natuurlijk een absurd groot bedrag. Maar de schilderijen zijn schitterend. Ik vind de schoenen van de man zo mooi! Heb begrepen dat Nederland en Frankrijk samen de schilderijen gekocht hebben. Binnenkort weer naar het museum om ze te gaan bekijken.

    • Margriet zegt:

      Overdadige versierkunst in schoenen en kragen. Hoe mooi moet het in het echt wel niet zijn geweest, als de schilderijen al zo prachtig zijn?

  2. Ik vond via google wel een jaartal: 1951
    http://catalog.hathitrust.org/Record/009129449
    Museum Willet-Holthuysen.

    Als ik naar jouw plaatje kijk en dat van de link dan zijn het dezelfde boekjes!

Laat een reactie achter op Margriet Reactie annuleren

*


Terug naar blog om daar verder te lezen