De oorsprong van het woord ‘smocken’ komt van de Engelse boerenkielen, die ‘smocc’ werden genoemd. Die kielen werden bovenin ingerimpeld zodat de ruimvallende stof niet hinderde bij het werk. Die gewoonte stamde al uit de middeleeuwen. In de 18e en 19e eeuw werden rijk geborduurde boerensmocks populair. Dat kwam mede door de groeiende status van de Engelse plattelanders. De smock werd over het algemeen gemaakt van Hollands linnen en was een geprezen en geliefd kledingstuk, dat bij iemands dood vaak bij testament werd nagelaten voor een geliefde.
De smocks waren gemaakt van vierkante en rechthoekige lappen, met borduurwerk over de plooien van het lijf en de mouwen. De ondergang van dit mooie Engelse kledingstuk kwam door de Industriële Revolutie. Door het gebruik van de nieuwe landbouwmachines was het niet meer veilig voor boeren om zo’n wijdvallend kledingstuk te dragen.
Dus de smock verdween van het Engelse platteland, maar werd geïntroduceerd in adellijke- en kunstkringen, waar vrouwen elegant moesten zijn. De ‘smicket’ voor vrouwen werd in de 19e eeuw ‘chemise’ genoemd: een wijd kledingstuk dat direkt op de huid werd gedragen. Er werden heel sierlijke effecten mee bereikt. Gesmockte dames- en kinderkleding werd de specialiteit van verschillende Londense en Parijse kleermakers. De volle stijlen die hiermee konden worden gecreeërd pasten goed bij die tijd.
Het smocken van kinderkleren werd o.a. gestimuleerd door Kate Greenaway. Onder borduursters is zij bekend vanwege haar alfabet-ontwerp, maar ze deed nog veel meer. Zij nam deel aan de stroming die meer bewegingsvrijheid voor kinderen propageerde. Dit viel samen met de nieuwe ideeën die opkwamen over het opvoeden van kinderen. Aan het eind van de 19e eeuw werd elk jaar een invloedrijke Almanak uitgegeven, die ook in Amerika werd verspreid. Zo had de lossere kledingstijl ook daar invloed.
In deze nieuwe stroming hoorde ook de opkomst van het bedrijf Liberty. Er was grote behoefte aan meer vrijheid en bewegingsruimte en dit bedrijf droeg eraan bij door een lieflijke en toegankelijke kledinglijn te ontwerpen. En daar paste het smocken heel goed bij.
Ook bij ons waren lange decennia gesmockte kinderjurkjes populair maar er verschenen niet zoveel aparte boeken over als in Engeland. De patronen voor smockwerk verschenen welk regelmatig in de damesbladen. Alle Nederlandse boekjes over smocken heb ik denk ik al wel eerder in mijn shop gehad; nu een serie Engelse boeken. Daar zitten ook een aantal boeken bij die de rijke historie van deze bijzondere techniek beschreven. Overigens moet je deze techniek niet zien als ‘bijzonder’ in de zin van dat het moeilijk zou zijn. Het hoorde vroeger gewoon bij de volkskunst, die ook in veel Europese klederdrachten is toegepast. In ons land bijvoorbeeld in Volendam, waar smockwerk boven aan het schort is toegepast. Na het inrimpelen werden de plooien met een soort platsteken in verschillende kleuren geborduurd, waardoor patroontjes ontstaan.
Een leuke techniek voor een comeback, en die is gelukkig ook al gaande, dus met plezier deze Engelse boeken erbij, en de Nederlandse boeken weer aangevuld.
Hieronder nog een foto van het smockwerk op twee ensaid-examen-oefenlappen, en een los oefenlapje. Ondanks dat er niet veel aparte Nederlandse boeken over zijn verschenen, werd het smocken vroeger wel vrij algemeen geoefend op de opleidingen.





