In Twente bloeide in de vorige eeuw de textielindustrie! Fabrieken met honderden spinmachines en grote weefgetouwen ontstonden in de twintigste eeuw en voorzagen zo’n beetje het hele land van hoogwaardig textiel. Voor deze industrie waren ook vakmensen nodig en die werden opgeleid in speciaal opgerichte Textielscholen. En daar waren ook weer boeken voor nodig, die weer werden geschreven door deskundigen. Het boek Automatische weefgetouwen (uit 1951) is zo’n boek, wat ik nu in mijn shop plaats. Als je het doorbladert kan het niet anders dan dat je onder de indruk komt van deze hoogontwikkelde machines en het vakmanschap om ze te bedienen.
Deze bloeiende textiel-industrie ontstond vanuit de huisvlijt op het platteland. Bijna elke boerderij had wel een weefgetouw waar vanuit het zelfgeteelde vlas linnen werd gemaakt. En in bijna elk streekmuseum staan wel een paar kleinere weefgetouwen, die vroeger zo belangrijk waren en intensief gebruikt werden. In dit bijna-laatste blogje met foto’s uit het Openluchtmuseum van Ootmarsum een paar foto’s van dergelijke weefgetouwen. Ze worden nog volop gebruikt door vrijwilligers om bijvoorbeeld aan schoolkinderen te laten zien hoe dat weven vroeger werd gedaan. En het is eigenlijk voor iedereen interessant om te zien hoe arbeidsintensief het was om textiel te maken.
Om theedoeken te maken met een mooie ruit, werden eerst kettingdraden gespannen in een kleur, en later werd er geweven met meerdere kleuren.
Dat willen weefkringen natuurlijk graag ook! Het boekje Oost, West, Theedoek best is een leuke illustratie van hoe weefkringen het oude weefambacht voortzetten en kennis en patronen aan elkaar doorgeven.
Nederlandse boeken over weven vind ik niet zo veel meer (de meeste boeken had ik al eerder in mijn shop), maar deze vier laten nog weer iets van de ontwikkeling zien, ook in de boeken die uitgegeven zijn.
Allereerst dat boek over Automatische weefgetouwen, met specifieke vakkennis uit de bloeitijd van de Nederlandse weefindustrie. Daarna een foldertje over het Zelf weven, wat nooit helemaal verdween en waar fabrikanten mooie weeframen voor maakten. Dan het boek met de mooie titel De scheppende kracht van het weefgetouw. In de experimentele tijd van de zeventiger jaren was het weven populair onder kunstenaars, die de vele expressie-mogelijkheden ontdekten. En tenslotte dan een uitgave uit onze tijd, van zomaar een weefkring waar weefliefhebbers elkaar ontmoeten en stimuleren.
Straks nog een lading weefboeken uit het buitenland, want daar is nog veel meer moois uitgegeven. En wie weet kom ik nog wel eens wat Nederlands tegen, want iets wat zo’n belangrijke rol heeft gespeeld in de welvaart van ons land daar is vast nog wel meer over geschreven.







